home       kleuterschool     lagere school       middelbare school       praktisch

KLAS 1 TOT EN MET 6

 

Een lagere school in Turnhout moet voldoen aan de behoefte van uw kind. In Turnhout zijn veel lagere scholen waaronder de Michaëlschool in de Hoveniersstraat. Zij viert binnenkort haar 35-jarig bestaan. De lagere school vraagt van het kind gerichtheid en concentratie. De aandacht van de kinderen richt zich op het bord en de leerkracht. De leerinhouden zijn gericht op de leeftijd en de ontwikkelingsfase van de kinderen. De leerstof biedt ontwikkelingskansen op cognitief, sociaal en motorisch gebied. Dus zowel hoofd, hart als handen worden binnen elk vak aangesproken. Binnen het leerplan in de lagere school is er dan ook intellectuele vorming, sociale vorming en handvaardigheid terug te vinden. Daarbij is het niet de bedoeling dat de kinderen minder leren, maar juist meer!

 

Vaste klasleerkracht: Bijzonder in onze pedagogie is dat de klasleerkracht van de lagere school zes jaar met de leerlingen meegaat. Leerkracht, kinderen en ouders gaan zo een langdurige vertrouwensband met elkaar aan. Doordat dat de leerkracht de leerlingen goed kent, ontstaat er een vanzelfsprekende differentiatie en opvolging.

 

Wat als het tussen de leerkracht, de leerling en/of de ouders niet vanzelfsprekend klikt? Uit de praktijk blijkt dat dit zeer zelden voorkomt. Juist door de langdurige verbinding bestaat de mogelijkheid om de moeilijkheden in proces te brengen.

1 3 5
2 4 6

1

2

3

4

5

6

KLAS 1

 

De leerlingen gaan met een grote nieuwsgierigheid, leergierigheid en een grote portie goesting naar de eerste klas. Met verbazing en verwondering nemen zij de leerstof op. Voor deze jonge kinderen is een grote afwisseling in geconcentreerd en bewegend leren erg belangrijk.

 

LEZEN

Een heel belangrijk aspect in de eerste klas is het leren lezen. Veel van de kinderen gaan de eerste dag naar school en verwachten 's avonds te kunnen lezen. Dat neemt natuurlijk wat meer tijd in beslag. Bijzonder is dat letter per letter het hele alfabet wordt aangeleerd. Deze letters ontstaan uit een sprookje en worden op vele manieren eigen gemaakt. Na het schrijven van de letters en korte woordjes, ontstaan als vanzelfsprekend de zinnen. Aan het einde van de eerste klas wordt van de kinderen verwacht dat ze eenvoudige woordjes kunnen lezen.

 

REKENEN

Bij het rekenen staan de sommen en rekenverhalen nog erg in relatie tot de concrete werkelijkheid. Zo wordt er gerekend met o.a. noten, blokjes, kastanjes en stenen. De tafelrijen worden uitgebreid en intensief vanuit de beweging geoefend.

 

WERELDORIENTATIIE

Bij dit vak worden de dagen van de week, de maanden van het jaar en de seizoenen via de beleving aangeleerd. Dit biedt voor de kinderen veel mogelijkheden om zich met de wereld te verbinden. Zo gaan ze op stap met de leerkracht, bekijken bomen tijdens de vier seizoenen en leren seizoensgebonden liedjes aan.

 

ANDERE VAKKEN

Naast de hierboven genoemde hoofdvakken krijgen de kinderen muziek, schilderen, tekenen, lichamelijke opvoeding, tuinbouw, boetseren met bijenwas, verkeer en knutselen. Daarnaast krijgen de kinderen vanaf klas 1 wekelijks Frans en Engels.

1

2

3

4

5

6

KLAS 2

 

Een tweedeklasser staat met zijn twee benen in de lagere school. Zij genieten van de schoonheid in verhalen, hun omgeving, de leer- en lesstof maar ook van deugnieterij en botsen regelmatig met hun klasgenootjes. Hierbij aansluitend worden er fabels aan hen verteld. De dieren in deze verhalen beschikken over allerlei eigenaardige kantjes. Ook de kinderen in de tweede klas worden wakker voor de eigenaardigheden van elkaar.

 

TAAL

De kinderen kennen alle letters en het lezen wordt intensief geoefend. Sommige kinderen lezen nog spellend, bij anderen gaat het al wat vlotter. Tweeklanken, moeilijke lettercombinaties en het lopende schrift worden aangeleerd.

 

REKENEN

Rekenen is nog erg gelinkt aan concreet materiaal en concrete, duidelijke dagelijkse situaties. De getallen worden geleerd en alle vier de bewerkingen (plus, min, keer en deel) komen aan bod. De eerste tafelrijen worden vanuit de beweging aangeleerd.

 

WERELDORIENTATIIE

Net als in de eerste klas staan binnen dit vak de seizoen nog steeds centraal. Daarnaast blijven ook de dagen van de week en de maanden belangrijke leerstof. De kinderen van de tweede klas de kalender kennen en op hun eigen klok lezen.

 

ANDERE VAKKEN

De tweedeklassers leren nog sterk vanuit het doen. Zij hebben nood aan een breed scala van vakken. We hebben het hier over muziek, lichamelijke opvoeding, tuinbouw, schilderen, tekenen, handwerken, knutselen en verkeer. Frans en Engels blijven  net als in de eerste klas zeer belangrijk.

1

2

3

4

5

6

KLAS 3

 

De kinderen van de derde klas worden wakker voor de wereld. Ze willen alles weten van de wereld om zich heen en stellen heel veel vragen waarop ze een goed antwoord op willen krijgen. De kinderen leren nog steeds sterk vanuit de handeling.

 

TAAL

Naast het veelvuldig inoefenen van het technische lezen, krijgt ook het begrijpend lezen voor het eerst zijn plek. De kinderen kunnen vlot en goed leesbaar schrijven, daardoor kunnen de leestekens worden geoefend en toegepast.

 

REKENEN

Zij oriënteren zich in het duizendveld en kunnen dit toepassen tijdens het hoofdrekenen en cijferen. Aan het eind van de derde klas zijn alle tafels gekend en ontvangen de kinderen een tafeldiploma.

 

WERELDORIENTATIIE

Vanuit zijn interesse in de wereld maakt het kind kennis met verschillende ambachten. Zij leren over de bakker, de timmerman,... Dit gaat gepaard met zelf proberen, kijken en beleven. In de derde klas staat een huizenbouwperiode op het programma. Eerst wordt er grondig onderzocht hoe huizen vroeger en nu gebouwd worden, waarna de kinderen zelf ook in het klein en groot aan het bouwen gaan. Benieuwd? Kom maar eens kijken naar het speelhuisje en de bomenklimpartij, door de leerlingen zelf gemetseld.

 

ANDERE VAKKEN

Frans en Engels blijven belangrijk door middel van liedjes, versjes en spelletjes worden deze talen ingeoefend. Muziek, tekenen, vormtekenen, boetseren met bijenwas, schilderen, knutselen, lichamelijke opvoeding, tuinbouw, handwerken en verkeer worden wekelijks gegeven.

1

2

3

4

5

6

KLAS 4

 

In de vierde klas ontwikkelt het kind een sterke zelfstandigheid en maakt zich los van datgene dat daarvoor allemaal vanzelfsprekend was. Het richt zich met een wakkere blik naar de wereld, leert kritisch kijken en stelt de dingen in vraag. In de leerstof wordt hier rekening mee gehouden, de abstracte denken wordt aangesproken.

 

TAAL

Voor het eerst wordt in de taallessen de grammatica bekeken. Woordsoorten en werkwoorden in het heden, verleden en toekomende tijd worden vanuit een beeld aangeboden.

 

REKENEN

Voor het eerst worden hele getallen verdeeld in delen. De eerder aangelegde leerstof voor rekenen wordt verder geoefend.

 

WERELDORIENTATIIE

Aangezien hun kritische blik op de wereld ontstaat, is het logisch om met aardrijkskunde en geschiedenis te starten. Bij aardrijkskunde leren de kinderen eerst hun eigen omgeving kennen. Ze ontwikkelen een blik op hun eigen dorp of stad en de provincie Antwerpen. Bij geschiedenis komt de oertijd aan bod en leren de kinderen over een aantal oude cultuurperiodes.

 

Dierkunde wordt in de vierde klas aangeboden. Door verhalen, kunstzinnige verwerking en eigen kritische waarnemingen ontwikkelen de kinderen een beeld van een aantal dieren.

 

ANDERE VAKKEN

Bij Frans en Engels wordt er vanaf nu veel geschreven en komt ook de grammatica aanbod. Vakken als verkeer, schilderen, vormtekenen, tekenen, muziek, boetseren met klei, tuinbouw, handwerken, houtbewerken, lichamelijke opvoeding en knutselen maken het programma compleet.

 

1

2

3

4

5

6

KLAS 5

 

De kinderen uit de vijfde klas hebben een grote drang naar nieuwe kennis. Ze willen alles onderzoeken, beter leren kennen en begrijpen. Hun interesseveld vergroot, naast hun breder perspectief komt dit ook op relationeel vlak tot uiting. Vanzelfsprekend worden sociale verbindingen in de klas hierdoor erg belangrijk.

 

TAAL

In de taallessen staan zinsontleding en het verder verfijnen van de spellingregels centraal. Het gelezene samenvatten en zelf werkstukken maken, zijn taken die gedaan worden. Spreekbeurten geven staat ook in het lesprogramma. Het vooraan in de klas vertellen over een eigen onderwerp is, wordt door de kinderen geoefend.

 

REKENEN

Bij het rekenen worden de breuken verder geoefend. Nieuw is dat er gewerkt wordt met kommagetallen. Het werken met geld kan een ingang zijn, maar leidt als snel tot abstracte bewerkingen. Hoofdrekenen blijft een oefenveld, grote cijferbewerkingen worden gemaakt.

 

WERELDORIENTATIIE

Aardrijkskunde en geschiedenis net als in de vierde klas belangrijk. Bij aardrijkskunde komen de provincies, rivieren en gewesten van België aan bod. De verschillende landen en hoofdsteden van Europa krijgen ook een plek. Geschiedenis staat in het teken van de Grieken, hun manier van leven, de structuur van steden, hun culturele leven en de olympische spelen worden uitvoerig behandeld.

 

Geschiedenis staat in het teken van de Romeinen. De uitbouw van het Romeinse rijk, hun rechtsysteem, politieke structuren en strategische krijgskunst worden belicht. De grondbeginselen worden vergeleken met ons Belgische bestel.

 

Bij natuurkunde en fysica worden eenvoudige proeven uitgevoerd waargenomen en beschreven. Thema's die aan bod komen: licht, geluid, warmte en magnetisme.

 

In de vijfde klas krijgen de kinderen plantkunde. Door de groei en bloei van verschillende soorten planten te bekijken, worden eigenheden zichtbaar. Door middel van schilderen, tekenen en boetseren leren de kinderen de exacte vorm van de plant kennen.

 

ANDERE VAKKEN

Kinderen krijgen lichamelijke opvoeding, vormtekenen, muziek, koor, tuinbouw, handwerken, houtbewerken, toneel, schilderen en tekenen. Frans en Engels worden echt belangrijk, de kinderen krijgen dit meerdere lesuren per week.

1

2

3

4

5

6

KLAS 6

 

Zesde klassers houden structuur en duidelijkheid. Ze zijn gesteld op eerlijkheid en concrete afspraken. Hierbij hoort de wens om droge leerstof tot zich te nemen. Op leergebied vragen zij ook om uitdagingen.

 

TAAL

Tijdens de taallessen staan woord- en zinsontleding centraal. Van de zesde klassers wordt een grote exactheid op het gebied van spelling verwacht. Via recitaties, spreekbeurten en toneel ontwikkelen de kinderen vaardigheden om voor een groep te spreken.

 

REKENEN

Alle geleerde vaardigheden worden herhaald, uitgebreid, verfijnd en toegepast in vraagstukken. De kinderen leren de procenten kennen en werken ermee in relatie tot rente, aandelenkoersen en verschillende verhoudingen. Er is ook veel aandacht voor meetkunde. Naast de bekende meetkundige figuren maken de kinderen zelf met de passer moeilijke geometrische vormen.

 

WERELDORIENTATIIE

Bij aardrijkskunde worden de grote werelddelen, wereldzeeën, bergketens, rivieren, klimaatzones en gebieden in de wereld behandeld. In België zelf wordt gekeken naar de bodemgesteldheid en leren de kinderen over de grondstoffen. Andere onderwerpen die worden aangesneden: het weer, de klimaatzones en de kringloop van het water.

 

Bij natuurkunde of fysica worden eenvoudige proeven uitgevoerd en door de kinderen beschreven over licht, geluid, warmte, elektriciteit en magnetisme.

 

ANDERE VAKKEN

Tijdens de lessen Frans en Engels wordt er gesproken, gelezen en geschreven. Er is veel aandacht voor het uitbreiden van het vocabulair. Andere vakken die gegeven worden zijn: ICT, schilderen, tekenen, vormtekenen, muziek, koor, tuinbouw, boetseren met klein, handwerken, houtbewerken, lichamelijke opvoeding en toneel.

WAT NA 6?

 

Zoals in iedere lagere school zijn wij gebonden aan de eindtermen. Deze zijn opgesteld door de Federatie van Steinerscholen en goedgekeurd door het Ministerie van Onderwijs. Leerlingen die hun getuigschrift lagere school behalen, kunnen doorstromen naar ons middelbaar (aso), een technische- of beroepsrichting. Leerlingen die de eindtermen niet behalen, gaan naar het beroeps- of buitengewoon onderwijs.

 

 

Oud-Steinerleerlingen kom je over de hele wereld tegen!

MIDDELBARE
SCHOOL